dinsdag 24 mei 2011

Mijn jaguar.

Vijf jaar geleden, toen ik als geriater in het Reinier de Graaf ziekenhuis in Delft werkte, had ik een zonderling gesprek met een patiënt. Tot voor kort was deze man altijd gezond geweest, maar bij het ramen lappen was hij van de ladder gevallen en had zijn hoofd lelijk bezeerd. Hij had een grote pleister op zijn voorhoofd over een diepe snee die hij door de val had opgelopen.
De man was tachtig en had niet zo lang meer te leven. Tijdens mijn rondje had ik even tijd om een praatje met hem te maken.
Ik weet het niet, zuchtte de oude grijsaard op mijn vraag wat hij verwachtte na de dood.
Ik heb geleerd dat er een hemel is voor degenen die hier op aarde goed zijn geweest en een hel voor hen die zich niet hebben gehouden aan de tien geboden, maar nu ik zelf op het punt sta om dood te gaan denk ik dat ik na mijn dood terug kom als een jaguar.
Een jaguar? Maar die zijn toch bijna uitgestorven, reageerde ik.
Ik bedoel de auto, antwoorde de oude man. Ik denk dat ik terug kom als een mooie statig blauwe jaguar.
Maar waarom een blauwe jaguar? Waarom niet een zwarte porsche?
Ik heb altijd graag in een jaguar willen rijden. Dit lijkt mij het op één na grootste genot.
Wat is dan het grootste genot?
Een jaguar te zijn. Maar dan wel een blauwe.
Stel dat u terug komt als een auto, wat mij onwaarschijnlijk lijkt. Maar stel. En het is een opel corsa. Wat zou dat voor u betekenen?
Ik zou erg teleurgesteld zijn. Ik denk dat ik mezelf al snel te pletter zou rijden.
Denkt u dat alle auto-ongelukken moedwillig door de auto’s zelf zijn veroorzaakt?
Ja zeker. Misschien niet alle, maar veel toch wel.
Dan zijn er dus volgens u veel teleurgestelde auto’s?
Vindt u dat dan vreemd? Er worden maar weinig jaguars gemaakt. En heel veel opeltjes. Niet iedereen kan na zijn dood zijn grootste wens vervuld zien gaan. Dat verklaart een flink deel van het aantal ongelukken.
Het lijkt mij eenvoudiger om te geloven in een hemel of een hel.
Dat dacht ik vroeger ook. Maar toen ging ik eens nadenken. Niemand heeft ooit de hel of de hemel gezien. Je moet er in geloven, maar auto’s…
Hoezo auto’s?
Auto’s bestaan. Iedereen weet dat auto’s bestaan. En auto’s hebben een ziel. Een nieuwe auto met een jonge ziel rijdt heel anders dan een auto met een oude ziel.
Is dat niet een kwestie van slijtage?
Ook. Maar je bent het toch wel met mij eens dat er meer is dan dat? En waarom is het niet vreemd om te geloven dat je na je dood misschien naar de hemel gaat of als je pech hebt naar de hel, maar wel als je gelooft terug te keren als auto?
Ik moest hem het antwoord op deze vraag schuldig blijven. Twee dagen later stierf hij.

Vorige week heb ik een tweedehands jaguar aangeschaft. Een witte. Hij rijdt als een zonnetje en dit jaar gaan we er met het hele gezin een reis van drie weken door Europa mee maken.
De verkoper vertelde dat de wagen vroeger blauw was geweest, maar dat de vorige eigenaar hem na een ongeluk met een opel corsa opnieuw had laten spuiten.
Tijdens het rijden vanmorgen dacht ik dat de achteruitrijspiegel kapot was. Ik zag een grote barst.
Toen ik er op een rustig moment opnieuw naar keek zag ik dat er aan de spiegel niets mankeerde. Maar vanuit een bepaalde hoek en bij het juiste licht leek het wel of er een groot litteken op mijn voorhoofd zat. Alsof ik op mijn hoofd was gevallen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten