zaterdag 12 mei 2012

Godsdienst.


Wat is het toch fijn om een atheïst te zijn. Om te weten dat er geen God bestaat, geen hemel en geen hel. Dat wij zelf onze eigen hel of hemel maken in de korte tijd dat we hier zijn. Dat ons leventje geregeerd wordt door wetten en wetmatigheden en de grillen van het lot. Dat we zelf moeten leren om de verantwoordelijkheid te nemen voor ons leven.
Pas door het lezen van “De jakobsladder” van Maarten ’t Hart ben ik gaan beseffen hoe beklemmend voor sommigen hun Godsdienstige opvoeding kan zijn. En tot welke vreemde uitwassen dit kan leiden.
Niet dat Maarten zich in het boek negatief uit laat over het geloof. Hij beschrijft alleen maar hoe de mensen dit geloof een plek geven in hun leven en in hun relaties met anderen.
Maar dat is soms al pijnlijk genoeg.
Als je weten wil waarom ik zo blij ben dat ik niet ben opgegroeid in een gelovig gezin lees dan even de samenvatting van het boek die ik van internet heb afgehaald. Nog beter: lees het boek.
Degene die de samenvatting gemaakt heeft wordt niet genoemd, maar ik neem mijn petje voor hem of haar af.
Overigens besef ik dat sommige gelovigen juist heel veel liefde en vertrouwen hebben meegekregen vanuit hun geloof.  Dat dit hun leven heeft verrijkt.  En dat ze anderen er niet mee lastig vallen. Kijk, dat vind ik dan wel weer fijn voor hen. Blijf dan vooral geloven, zou ik zo zeggen. 
Het Leger des Heils krijgt van mij ook maandelijks een onbekend bedrag en die soldaten staan volgens mij positief in het leven.
Maar als het je leven en je relaties met anderen verziekt zou ik toch eens het atheïsme proberen. Kan je een heel gelukkig mens mee worden. Onder alle omstandigheden, goed of slecht.


De Jakobsladder. Auteur: Maarten ’t Hart.

Het verhaal wordt verteld vanuit Adriaan Vroklage, de zoon van de koster van de Gereformeerde Kerk. Als Adriaan op zijn elfde naar Rozenburg wordt gestuurd om bij verre familie nog wat eten te halen, wordt hij verliefd op zijn achternichtje Klaske. Als hij terugkomt van dat familiebezoek, vangt hij thuis op dat iedereen in Maassluis denkt dat hij dood is. Een jongen is terecht gekomen in de schroef van een schip. Alleen het litteken op zijn knie was nog te zien. Omdat Adriaan ook een litteken op zijn knie heeft zitten, dacht zijn vader dat hij in de schroef terechtgekomen was. De vraag is dus al snel welk jongetje het dan wel was. En nu is het Adriaan die met een antwoord komt. Hij had Jan Ruygveen op de kant zien staan. De politie wordt gewaarschuwd en de dood van Jan is een feit. Adriaan voelt zich schuldig en verantwoordelijk voor de dood van Jan. Hij besluit volgens de Kerk te handelen en boetedoening te doen. Hij komt in contact met de broer van Jan, Anton Ruygveen. Het lukt hem om vrienden te worden, en hij komt in een andere wereld terecht. De familie Ruygveen is streng calvinistisch. Anton, zijn zus Hendrikje en zijn broertje Job mogen haast niets. Bijvoorbeeld niet schaken, terwijl Anton extreem goed is, en niet fotograferen, terwijl Hendrikje zeer fotogeniek is.
Verder speelt de godsdienst een grote rol in het boek. In de tijd waarin het boek speelt bestaan veel soorten kerkgenootschappen, die allemaal op elkaar lijken. De kerk waar Anton’s vader koster is, is nog redelijk groot, maar ook hier gaat het mis. De manier van handelen van de nieuwe dominee wekt wantrouwen van een gedeelte van de aanhang, en er ontstaat een kerkscheuring. De vader van Adriaan raakt hiermee zijn baan kwijt, omdat hij geen partij durfde te trekken.
Ondertussen is vader Ruygveen zijn eigen kerk begonnen. Hij trekt veel mensen naar zijn dienst. En hij gaat helemaal op in zijn werk, is amper nog thuis en kijkt niet veel meer om naar zijn gezin. Deze kans grijpen Job en Hendrikje aan om het ‘met elkaar te proberen’. Anton zorgt via de LTS voor condooms. Vanaf deze periode raakt de familie Ruygveen echt in verval. Al snel is Hendrikje het zat om maar onder het regime van de kerk te blijven en ze vertrekt na een ruzie met haar vader naar de stad. Het gerucht gaat dat ze achter het raam zit als hoer in Delft. Anton vraagt of Adriaan dat wil nagaan, hij maakt toch elke avond lange fietstochten. In Delft krijgt Adriaan de schrik van z’n leven. Hendrikje zit inderdaad achter het raam.. Als hij Anton dit vertelt vraagt deze of hij het niet wil doorvertellen aan Job, hij lijdt onder het missen van zijn zus. De volgende dag krijgt Adriaan via via te horen dat Job zich heeft opgehangen. Dat het door Hendrikje komt is duidelijk, maar wie het hem heeft verteld wordt niet duidelijk gemaakt.
Anton is na de LTS universeel slijper geworden bij een grote fabriek. Maar hij vindt het werk niet leuk, vervelend en saai. De oproep voor dienst komt dan heel erg gelegen. Hij wordt aangenomen als wasser bij de marine, en hij maakt één grote reis naar de west. Als alle bemanningsleden naar de hoeren gaat hij monumenten bekijken, het heeft te maken met de boetedoening die hij zichzelf opgelegd heeft. Terug in Nederland staat iedereen heb op te wachten. Zijn zusje, Anton en zijn ouders.
Kort hierna komt hij een meisje tegen als hij aan het wielrennen is. Zij gaan wat drinken, en ze komen erachter dat ze elkaar van vroeger kennen; het meisje is Klaske. Zij werkt in een inrichting en vraagt of hij zin heeft er te komen werken. Aangezien Anton het helemaal heeft gehad in de metaalindustrie, wordt hij opgeleid tot verpleger. Nu komt weer de boetedoening om de hoek kijken, hij wordt verliefd op Klaske, maar durft niets te beginnen.
Wanneer Adriaan in de kliniek rondloopt, loopt hij een bekende patiënt tegen het lijf: meneer Ruygveen. Ruygveen is doorgedraaid toen zijn familie uiteenviel. Nadat Job zich had opgehangen, stierf zijn vrouw van verdriet. Anton wil naar het buitenland, en Hendrikje is hoer in Delft. Hij kon het allemaal niet meer aan. Op gegeven moment vertelt hij Adriaan wat er die ochtend tien jaar geleden was gebeurd: Jan pleegde zelfmoord. Hij had een briefje achtergelaten waarop stond dat hij eenzaam was en dat hij geen vrienden kon maken.
Toen besefte Adriaan dat hij geen schuld had aan zijn dood, en dat hij voor niets boetedoening had gedaan..
Bron: http://www.scholieren.com/boekverslagen/15585

Geen opmerkingen:

Een reactie posten