woensdag 19 september 2012

Mismanagement.


Waarom ik dit stuk geschreven heb?  Waarschijnlijk om mijn boosheid te ventileren, zodat ik me straks prettiger voel en dan onbevangen een uurtje op mijn gitaar kan gaan spelen.
Beslist niet omdat ik er mensen mee wil beschadigen of omdat ik hiermee niet loyaal ben aan de organisatie waarvoor ik al vele jaren werk.
Ik hou van mijn werk, ik hou van onze organisatie. Dat is altijd zo geweest en ik verwacht niet dat dit anders worden zal. 
Maar al sinds jaar en dag mopper ik op ons management. Het zal mijn opstandige karakter wel zijn.
Zo vaak heb ik mij er over verbaasd welke mensen er bij ons aan het roer stonden en staan, dat ik  nu niet verbaasd ben dat het, zeer zachtjes uitgedrukt, niet zo best gaat met de organisatie.
Schuimbekkend en tierend van woede en onmacht heb ik meerdere malen collega’s zien fulmineren op degenen die zij verantwoordelijk hielden voor de chaos waarin zij hun werk moesten doen.
Het management werd door hen voor alles en nog wat uitgemaakt, waarbij kwalificaties als ‘gore ratten’ nog tot de minste behoorden. En als ik dan begreep waarom zij zo boos waren kon ik hen vaak niet anders dan gelijk geven.
Af en toe vloekte ik net zo hard met hen mee, maar dat was omdat ik me daarna weer stukken beter voelde. Ik ben er de man niet naar om van mijn hart een moordkuil te maken. Maar dat het bij ons en bij vele andere organisaties niet gaat zoals wij allen graag zouden zien, is een hard gegeven. 
Details heb ik niet, want daar is niemand echt in geïnteresseerd. Ook ik niet.
Zo gaat het gerucht dat onze voormalige voorzitter van het college van bestuur, die vandaag zijn afscheidsreceptie had en die er mede verantwoordelijk voor is dat straks bij onze organisatie ruim zeshonderd mensen hun baan kwijt zijn, een gouden handdruk, of hoe je dit ook moge noemen, vier ton bij zijn vertrek heeft mee gekregen. Let wel, het is een gerucht. Ik ga er van uit dat het niet klopt, maar als het wel zo is dan is dit natuurlijk een gotspe.
Wat geen gerucht is, is dat ik slechts een paar jaar geleden nog hoorde dat er geld genoeg was en dat er nu een schuld is van meer dan tien miljoen.
Zelf heb ik gelezen dat onze voorzitter niet staat te popelen om te vertellen hoe het komt dat het zover heeft kunnen komen. Waarschijnlijk wil hij al degenen beschermen die mede verantwoordelijk zijn voor dit financiële debacle.

Wat moet je nu met zo’n verhaal? Denk niet dat ik stijf sta van verontwaardiging. Integendeel zelfs.
Ik noem mezelf niet voor niets een vrolijke pessimist. Ik verwacht in veel gevallen het slechte van de mens, maar gelukkig blijkt dit vaak mee te vallen. ‘Slecht’ vind ik bovendien een zeer ongelukkig woord. ‘Onbeholpenheid’ klinkt me weer te vriendelijk.
Laat ik het er maar op houden dat naar mijn idee ons vermeende eigenbelang ons gemakkelijk tot daden aan kan zetten die niet direct in het belang zijn van anderen. Al houden we onze vrome smoel hierbij wel keurig in de plooi.
De goede man die ons nu verlaten heeft is beslist niet de enige die je mismanagement verwijten kunt. De lakeien die hem zijn gang hebben laten gaan zijn in mijn visie mede verantwoordelijk.
Maar noch hem, noch zijn gevolg neem ik iets kwalijk. Ik lig geen seconde wakker van hen.
Ben ik dan zo begripsvol? Alles behalve.  Maar als je een leven lang met mensen werkt en daarnaast een afgestudeerd sociaal en organisatiepsycholoog bent, zou het raar zijn als ik de mensen alleen maar zou beoordelen op wat zij aan de buitenwereld van zichzelf laten zien.
‘Goede’ mensen, noch ‘slechte’ mensen bestaan niet. Dat het niet zo simpel is maakt het leven juist zo interessant.  Wat wel bestaat zijn mensen die anderen op weg helpen in dit leven en ze een perspectief bieden op enig levensgeluk en mensen die het tegenovergestelde doen.
En ook dit is veel te simpel gesteld. Misschien moet ik het bij mezelf houden en gewoon zeggen dat er mensen zijn die ik aardig vind en waar ik mij blij bij voel en mensen die ik absoluut niet zie zitten. Gelukkig is de eerste groep heel groot en de tweede heel klein. Tot de laatste behoren onder andere degenen die je verantwoordelijk kunt stellen voor de situatie waarin onze organisatie nu verkeert.
Nee, ik ben niet begripvol. Maar het besturen van een grote organisatie vraagt in deze zware tijden meer dan alleen een grote deskundigheid. Zo zal men bereid moeten zijn om al de talenten in de organisatie een kans te geven om mee te denken en te handelen.
Het vraagt om bescheidenheid. Want ook deskundigen maken fouten en zijn afhankelijk van de medewerking van velen om een gesteld doel te bereiken.
Het vraagt om visie en mensen die dit hebben zijn in deze tijden van verandering zeldzaam.
Het vraagt om grootmoedigheid om toe te kunnen geven dat er fouten gemaakt zijn en gemaakt zullen blijven worden.
Het vraagt om een management dat weet hoe het vrienden moet maken en niet alleen vijanden.

Als het waar is dat onze voormalige voorzitter het management om hem heen zonder aanziens des persoons publiekelijk schoffeerde als iets hem niet zinde, zal hij wel weinig vrienden hebben gehad. Die zullen wel blij zijn dat hij nu weg is.
Maar misschien moet ik de goede man ook wel dankbaar zijn dat hij sommige managers heeft geschoffeerd die buiten het bereik van mijn woede waren. Wie zal het zeggen.
In grote organisaties denkt de toplaag vaak dat zij bestaat uit betere mensen. Ik denk dat nu zo langzamerhand tot velen wel door begint te dringen dat dit niet zo is. Er zitten aan de top net zoveel sukkels als aan de basis.
In mijn visie moeten we weer terug naar organisaties waar de menselijke maat het uitgangspunt is.
Kostenbesparing en kostenbeheersing wordt dan weer mogelijk. Megalomane karaktertrekjes krijgen dan geen of weinig kans.
Maar bovenal moeten er weer structuren worden gecreëerd die de mensen uitnodigen om mee te praten en mee te beslissen. Nu ik zo af en toe met mijn tong op mijn schoenen hyperventilerend thuis kom na een dag keihard werken kun je wel stellen dat er juist het tegenovergestelde gebeurt. Juist nu moet er ruimte en tijd worden geschapen om al het talent dat er in de organisatie is in te zetten om er weer bovenop te komen. Anders staan we straks allemaal op straat.
Maar eerlijk gezegd zie ik het niet gebeuren. ‘Bezinning’ is niet een woord wat je vaak hoort tijdens grote veranderingen.
Er wordt nog steeds teveel ruimte  gegeven aan degenen die denken het beter te weten.  Wij met z’n allen zullen daar vroeg of laat de prijs voor moeten betalen. Zowel op micro, meso als macro-niveau. Het is helaas niet anders.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten