maandag 12 november 2012

Kleine blijdschap en grote hufterigheid.

Gedeeld geluk is toch zo mooi. Of het nu met z’n tweeën is, of in een grotere groep, het is altijd mooi om te zien als mensen hun blijdschap met elkaar delen. Maar ik vind dat je het veel te weinig ziet. Toch zag ik het laatst weer.  Ik zat wat verveeld te zappen toen ik haar toevallig zag. Ze was net vol in beeld.  Daar stond een aantrekkelijke en goed geklede vrouw van top tot teen te stralen van geluk. En zij was niet de enige. Om haar heen nog meer aantrekkelijke vrouwen die keken of onze Lieve Heer een half uurtje eerder persoonlijk aan hen verschenen was.
Volgens hen die er verstand van menen te hebben leven we in een tijd dat dit zomaar zou kunnen gebeuren, dus vreemd zou dit niet zijn geweest.  Maar omdat er geen “Breaking News” door het beeld flitste besefte ik dat er wat anders aan de hand moest zijn. En ik vroeg mij nieuwsgierig af wat deze dames zo gelukkig maakte.
Je begrijpt dat ik enigszins teleurgesteld was toen ik bemerkte dat zij allen zo blij waren omdat zij net een nieuw wasmiddel hadden ontdekt. Als zij hier al zo enthousiast over waren, hoe zouden zijn dan wel niet reageren als er in hun kerstpakket een nieuw lingeriesetje en een op afstand bestuurbare dildo zou zitten? Zouden ze dan misschien helemaal uit hun dak gaan?

Ja, het leven kan mooi zijn. Maar ook erg wreed. En de hufterigheid van sommigen onderstreept dit nog eens. Zo hoorde ik van een vrouw die kanker had en die voor haar genezing naar het buitenland vertrok omdat haar oncoloog hier haar had opgegeven. Je hoort zoiets wel vaker. De dokter hier zegt dat je er maar in moet berusten omdat er toch niets meer aan te doen valt en dat dan de wanhopige patiënt zijn of haar laatste hoop heeft gevestigd op een behandeling over de grens.
Deze vrouw genas, maar moest voor controle weer langs bij de oncoloog die haar gezegd had dat zij niet meer te genezen was.
Toen zij hem verweet dat hij haar destijds had opgegeven reageerde hij met “U moet niet zeuren. Ik ga hier niet met u over discussiëren, want u had al lang onder de grond moeten liggen.”
Ja, ook onder artsen heb je er genoeg die niet tegen hun verlies kunnen.
Zo zou een andere arts, die een patiënt had die al jaren aan de chemo was  en die klaagde dat zij altijd zo lang moest wachten voordat zij geholpen werd en dat zij daar zo moe van werd, tegen haar hebben gezegd “U denkt zeker dat u de enige bent met kanker”.   
En ineens moet ik denken aan de berichten over een samenzwering van artsen tegen een collega longarts, die zij in diskrediet wilden brengen door hem er toe te verleiden om een zware operatie uit te voeren in strijd met het protocol. De patiënt lag al onder narcose toen opeens de collega met wie hij de operatie zou uitvoeren er zogenaamd niet bleek te zijn. Wat te doen?
Gelukkig blies de arts de operatie af. Later bleek dat zijn collega er wel was.
Het lijkt er op dat men bereid was om iemand een hak te zetten zonder rekening te houden met de gevaren voor de patiënt. Lekker fris.
De zaak ligt nu voor bij de Inspectie en die heeft inmiddels alle betrokkenen aan de tand gevoeld.

Kennen we niet allemaal van dit soort verhalen?  Ik wil afsluiten met het goede nieuws dat een zeer gewaardeerde collega van mij haar stoute schoenen heeft aangetrokken en is begonnen met joggen. Nee, ik noem geen namen. Maar mocht jij toevallig ook een collega van mij zijn, dan zul je wel merken wie het is als zij straks, over  zeven maanden en voordat het weer zomer is, zo’n prachtig rank figuurtje heeft. Bij deze wens ik haar heel veel succes toe.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten