zaterdag 30 maart 2013

Overleden.

Ze stond achter me in de rij bij de kassa van Albert Heijn. Haar grijswitte haar plakte tegen haar voorhoofd en haar ogen schoten schichtig heen en weer. “Mijnheer, kan ik hier met mijn pinpas betalen?”. Ik wees op het grote bord dat boven de kassa hing en daarna op de kleine bordjes die de boodschappen op de band van elkaar gescheiden hielden. Met koeienletters stond er ‘Pinpas’ op geschreven. “Ja hoor mevrouw”, sprak ik geruststellend. “Jij gaat ook binnenkort”, dacht ik kwaadaardig.


Ze leek op mijn moeder. Net zo broos en waarschijnlijk net zo oud.

Gisteren had ik samen met familie en bekenden voor het laatst van haar afscheid genomen.
In het begin drong het niet eens tot mij door dat we met z’n allen in het uitvaartcentrum bijeen waren omdat ze die dag gecremeerd zou worden.
Ik had haar in de kist zien liggen. Ze lag er lelijk bij. Haar gezicht was scheef getrokken en iemand had met felrode lippenstift haar lippen gestift. Mijn moeder droeg nooit felrode lippenstift. Zover ik weet was ze sowieso zuinig met het gebruik van make-up.
Sommige mensen zien er na hun dood beter uit dan toen ze nog leefden. Maar bij mijn moeder was het gelukkig andersom.
Ik voegde me weer bij de anderen. Iedereen zag er verslagen uit. 
Bij binnenkomst van Paula en mij, een kwartiertje eerder, was iedereen er al. We condoleerden elkaar en spraken troostende woorden.
Zoals wel vaker bij oudere mensen was ook voor mijn moeder de dood een verlossing geweest.
En had dit daarom bij de achterblijvers dubbele gevoelens achter gelaten. 
Iemand zien lijden die zo goed voor je is geweest doet zeer. Je bent dan blij als het toch nog onverwachts voorbij is.
Maar ook voel je hierna een vreemde leegte. Bij mij werd deze pas opgevuld met tranen toen ik samen met anderen de kist afsloot. Met een knop waar een schroefdraad aan zat werd het deksel op de kist geschroefd. Ik voelde het ronde gladde hout als een grote warme knikker tussen mijn vingers.
Een definitieve en pijnlijke handeling. En daarom liep ik opeens toch vol van binnen. Iets wat ik niet van mezelf had verwacht, want ik heb geleerd om mijn verdriet voor me te houden. Niemand hoeft mijn tranen te zien.  Mijn pijn zit diep en veilig opgeborgen. Gelukkig maar.
Als het komt dan komt het. Ook goed. Ik ben niet van steen. Maar liever niet. Ik wil nog wat over houden voor later. Ik verwacht nog veel tranen nodig te hebben. 
Lachen is bovendien gezonder voor je dan huilen. Mits het maar echt gemeend is.

Het is al weer een week geleden. Het was een indrukwekkende bijeenkomst op een ijskoude dag.
En het is nog steeds koud. We beleven straks zelfs de koudste Pasen in tijden.  
Volgens de krant  zal Pasen zelfs kouder zijn dan afgelopen Kerstmis. Zo-even viel er weer wat sneeuw op het schuine dakraam. Als het blijft liggen maak ik morgen een sneeuwpop.

Paula is gestopt met werken en is nu met pensioen. Het is mooi geweest voor haar. Je kunt nog zoveel van je werk in de zorg houden, maar uiteindelijk sloopt het je. Net als in veel andere sectoren moet men het ook daar maar zien te redden met steeds minder geld en met slecht management.
Bij ons op school heeft de reorganisatie straks zo’n zeshonderd man hun baan gekost.
En de rukker die je hiervoor verantwoordelijk stellen kunt herkent vermoedelijk niet eens zijn eigen hand in dit debacle. Succes rekent men immers zichzelf toe, mislukking anderen of domme pech.
Zolang slecht functionerende managers niet stevig gestraft worden met een forse greep in hun portemonnee loont mismanagement en hoef je geen verbetering te verwachten.
Maar waarom je druk gemaakt? Aan alles komt een eind. Misschien komt dat eind wel sneller dan we allemaal verwachten. 
De mens is een irrationeel wezen dat achteraf zijn gedrag altijd rationeel verklaart. Je moet blind zijn wil je dit niet zien. Iedereen weet dat er vreselijke dingen in de wereld gebeuren, maar wat ons werkelijk bezig houdt is wat we op tafel zullen zetten met Pasen. Het zij zo. De wereld is zoals hij is omdat wij zijn zoals we zijn.  Door natuurlijke aanleg en hoe anderen mij gevormd hebben ben ik een vrolijke pessimist geworden.  Ik had het slechter kunnen treffen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten