In oktober 2007 zei ze bij de presentatie van een rapport
van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) over de nationale
identiteit: “De Nederlander bestaat niet”. Nou, onze lieve prinses Maxima heeft
geweten dat ze dit zei. Want al bedoelde ze dit alleen positief, de Nederlander
vond dat hij wel degelijk een te herkennen eigen identiteit had.
Nederlander zijn betekent immers bemoeizuchtig zijn, kortzichtig, naïef en
gierig. En natuurlijk vreselijk intolerant.
In een klein land, waar tot halverwege de
vorige eeuw hele volksstammen geïsoleerd van elkaar leefden, waar onder de
gewone bevolking veel armoede heerste en de mensen het katholieke of protestantse geloof met de paplepel
ingegoten kregen, kun je verwachten deze typisch Hollandse eigenschappen aan te treffen.
Verder houdt de Nederlander van bloemen, stille tochten,
schelden op regeringspartijen, stiekeme seks, het trekken van een vrome smoel
als men verontwaardigd is, roddelen en het geven van geld aan goede doelen.
Bijvoorbeeld aan de postcodeloterij, want dan kan hij zich even over geven aan
de illusie dat hij binnen afzienbare tijd ongestraft op het bureau van zijn
baas kan poepen.
Kortom, de Nederlander is een bijzonder mens. Als Maxima dat
destijds had gezegd was iedereen tevreden geweest.
Denk nu niet dat ik met deze kort door de bocht opsomming
alles gezegd heb wat ik vind van de Nederlander. Want als dit het enige was zat
ik al lang in Lapland. En dat land schijnt het hoogste zelfmoordcijfer van
Europa te hebben, dus zo gezellig is het daar blijkbaar niet.
Dus ondanks mijn gescheld op mijn medelander is er geen land
ter wereld waar ik liever zou willen wonen dan hier in dit kutlandje.
De vriendelijkheid van de mensen, de hulpvaardigheid, ons
gedoogbeleid, het eigenzinnige van velen.
Het is beslist een voorrecht om Nederlander te zijn. Alleen,
wat zijn het vaak vreselijke zeikerds.
Zo is jeugdzorg van plan om een 15-jarige jongen bij zijn
moeder weg te halen omdat zij hem alleen rauwkost te eten geeft en ze hem sinds
twee jaar thuis houdt en zelf les geeft.
De jongen zelf vond het prima en zei dat hij een goede band met zijn moeder had. Iets wat heel veel jongeren niet kunnen zeggen, maar hen laat de jeugdzorg met rust. Die zelfde jeugdzorg heeft jaren lang zijn hoofd weg gedraaid (en doet dat nog steeds) toen haar pupillen in de pleeggezinnen waar zij door hen waren ondergebracht werden verkracht of anderszins seksueel misbruikt.
Die opgefokte trut van jeugdzorg maakte zich er op het
journaal erg druk over dat de jongen thuis les kreeg en niet naar school ging. Want nu zou de knul nooit weten wat het is om
schoolvriendjes te hebben.
Ik ben natuurlijk bevooroordeeld, want ik meen de mentaliteit van het wereldje
van de hulp- en dienstverlening redelijk te kennen. Als je ergens de kans loopt om van die
bevoogdende typetjes tegen te komen is het daar. Net als in het onderwijs, waar ik
overigens zelf ook in zit. Ik zeg het zachtjes, want anders worden mijn lieve
collega’s straks boos op me. En eerlijk is eerlijk, ik ben zelf ook niet
helemaal vrij van een zekere evangelisatiedrift. Want dat is ook typisch
Nederlands: de Nederlander voedt zijn naaste heel graag op.
Kortzichtig zijn we natuurlijk ook. Zo denken we bijvoorbeeld dat het bouwen van meer wegen de fileproblematiek oplost. Of dat het verplicht stellen van een aantal contacturen in het onderwijs de kwaliteit van het onderwijs ten goede zal komen.
Hoe bekrompen we zijn kon je gisteren nog in de krant lezen, waarin stond dat leerlingen van een school na het behalen van hun diploma nog zestig uur les moesten volgen omdat de school niet aan de urennorm had voldaan. Regels zijn immers regels, zei de vertegenwoordiger van de inspectie. Wat een zieke geest heb je dan.
Dat we allemaal naïef zijn blijkt telkens weer uit het
overdreven optimisme dat wij ten toon spreiden.
Tenslotte zijn we een hardwerkend en spaarzaam volkje.
En als we deze goede eigenschappen van de Nederlander maar hoog in het vaandel dragen kan het niet verkeerd gaan.
We snappen dan ook helemaal
niet waarom het zo slecht met de economie gaat. Dat schoolbestuurders en andere
bobo’s in de eerste plaats aan hun eigenbelang denken en dan pas aan de
belangen van de organisaties waar zij verantwoordelijk voor zijn.
Dat het CBS en SCP voor
2012 een stijging tot 588.000 arme huishoudens (8,5 procent van alle
huishoudens) voorziet. Hoe kan dit nu in ons rijke land?
We denken in onze naïviteit dat we leven in een land met eerlijke mensen, maar wist je bijvoorbeeld dat 30% van alle faillissementen het
gevolg is van fraude? Het afgelopen jaar gingen zo'n 12.000 bedrijven failliet. Dus zo' 3600 daarvan hebben de boel opgelicht.
Nog sterker; wist je dat Nederland in de wereld bekend staat als fraudeland
bij uitstek? Waarom dacht je dat zoveel buitenlandse bedrijven zich hier vestigen? Voor het weer?
En wij maar denken dat we in zo’n beschaafd landje wonen. Altijd
klaar staand met commentaar op alles en op iedereen. Hoe naïef kun je zijn.
Zondag schreef ik een stukje over de kerstboom. Natuurlijk
zullen er genoeg mensen zijn die vinden dat er niets boven een echte boom gaat.
Vrijheid blijheid zou ik zo zeggen. Ik schat dat ik inmiddels al een paar
honderd euro heb uitgespaard, vele uren bekijken, uitzoeken en sjouwen van een
boom gemist heb en hiermee de ergernissen die dit met zich meebrengt. Maar koop volgend jaar gerust weer een echte boom. Ik haal de mijne wel van de vliering af.
De kerstboomverkoper moet natuurlijk ook wel een kans krijgen om een schamele boterham te verdienen.
Het was dan ook een genoegen om vanavond op tv te zien dat
er ergens een gezin in Nederland is dat 34 echte kerstbomen in huis heeft
staan, die allemaal volgens de laatste mode in ‘silent white’ waren versierd.
Dat wil ik ook nog even kwijt over de identiteit van Nederlanders. Ze zijn
knettergek. Vijftig man in een stille tocht voor een dode walvis…