woensdag 14 maart 2012

Praatje pot

Als je een tijdje niets op je weblog hebt gezet kost het enige moeite om weer op te starten. Net als een auto die te lang heeft stil gestaan. Of een liefde die lijkt te zijn bekoeld omdat men elkaar verwaarloosd heeft.
Gelukkig wordt dit weblog maar door een klein select gezelschap gelezen. En dan alleen als er niets op tv is of ze hopen mij te kunnen betrappen op een leuke opmerking. Waarin ik ze meestal moet teleurstellen. Ga naar Hans Teeuwen kijken op Youtube, denk ik dan. Of lees een boek van Herman Brusselmans.
Evenmin mag men van mij wijze uitspraken verwachten. Daarvoor hebben we Peter Timofeef of Piet Paulusma. Als je hun advies negeert om je goed in te smeren tegen de sterke zonnekracht in deze tijd van het jaar, gewis dat je dan kans loopt dat je neus, je lippen of je oren er af vallen als je over twintig jaar huidkanker krijgt. Hun adviezen kun je daarom beter maar wel opvolgen.
Ondanks mijn gebrek aan humor en aan zinvolle opmerkingen krijg ik soms van die enkele lezer een veer in mijn reet gestoken om mij aan te moedigen om met schrijven door te gaan. Daarvan ga ik, ijdel als ik ben, natuurlijk vrolijk kraaien, al vervloeit mijn gemoedsstemming meestal weer snel met mijn positieve stemming van het moment. Wat dan jammer is, want contrasterende stemmingen zijn veel spannender. De liefde is daar een voorbeeld van. Hoe mooi is het om iemand te haten die je lief hebt om hem of haar hierna weer lief te hebben, zodat de weg weer vrij gemaakt is voor nieuwe haat. Levendigheid in de brouwerij is mijn levensmotto en daarom ben ik nooit uitvaartverzorger geworden.
“Wat wil je nu wel en wat wil je nu niet met de wereld om je heen delen?” is een vraag die elke blogger kent. Je wil je oninteressante leventje immers niet opdringen aan anderen, je wilt je leugens voor jezelf houden omdat je alleen maar onbegrip verwacht, je hebt niets te vertellen maar doet dit wel zo gedetailleerd mogelijk en je weet dat de meeste mensen alleen in zichzelf zijn geïnteresseerd al zullen ze dit keihard ontkennen als je ze hier op wijst.
Dus waarom al je gedachtenspinsels de virtuele werkelijkheid in pleuren als je eigenlijk al weet dat niemand tijd en zin of tijd heeft om hier enige aandacht aan te besteden?
Omdat schrijven een ziekte is. Want ook de afgelopen weken heb ik weer menig bladzijde vol gekalkt.
Een soort zelfbevrediging maar dan zonder vlekken. Aan lekkende pennen heb ik een broertje dood.
Daarom heb ik besloten om maar lekker door te gaan met mijn inhoudsloos gewauwel, dat zich alleen onderscheidt van alle herrie om ons heen door zijn fluistertoon.
Hierdoor gaat het gemakkelijk verloren in het rumoer.
Ik ben blij dat ik de ellende niet uit de gebeurtenissen in mijn leven hoef te halen. Tot nu toe is mij dit bespaard gebleven. Mijn kommer en kwel is endogeen en ontstaan uit de nachtmerries van mijn ouders. Maar in zijn weg naar de oppervlakte ondergaat het een prachtige gedaantewisseling. En zo komt het dat mijn pessimistische kijk op mijn medemens, mezelf en de rest van de wereld en alles ver daarbuiten wordt omgevormd in vrolijke klanken als ik op mijn gitaar zit te spelen, in onbegrijpelijk lange maar positief klinkende inhoudsloze volzinnen als ik zit te schrijven, in een genoeglijke conversatie als ik weer eens door een knappe vrouw wordt aangesproken (“Nog een prettige dag”, zei het mooie blonde meisje achter de kassa van A.H. tegen mij en wij wisselden zwoele blikken uit.) of een simpel genieten als ik in het zonnetje over de boulevard in Scheveningen kuier. Ik zie het nieuws op tv, lees de gratis dagbladen en volg het nieuws op internet. Overal ellende en Geert Wilders. Er is geen ontsnappen aan. Ik haal mijn schouders op en ga over tot de orde van de dag. “Het leven is lijden” sprak de Boeddha. Hij had gelijk. “Maar het leven kan ook ontzettend leuk zijn” sprak John van Geenen. Maar wat weet die jongen daar nu van?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten