dinsdag 27 maart 2012

Dat is niet eerlijk.

Ze zag dat het kleine kereltje met grote ogen naar haar stond te kijken. “Lust je ook wat?” vroeg ze vriendelijk en toen hij geestdriftig ‘ja’ knikte gaf ze hem een paar chipjes, die hij onmiddellijk in zijn mond stopte.
“Een kinderhand is gauw gevuld” zei ze lachend tegen haar vriendin. Ze besteedde verder geen aandacht meer aan hem en at ongegeneerd al babbelend heel de zak leeg.
Mark keek naar de grote dikke schransende vrouw voor hem. Even had hij de vage hoop dat ze hem nog wat zou geven, maar tot zijn teleurstelling leek ze hem compleet vergeten te zijn.
“Dat is niet eerlijk”, dacht hij nog terwijl hij afdroop naar zijn kamer.

Hij had toch zo’n mooie tekening voor haar gemaakt. Nu mocht hij vast van de juf de plantjes water geven. Trots liet hij haar de tekening zien. ”Voor u”, zei hij genereus en hij was verrukt toen ze hardop ‘Wat een prachtige tekening heb jij gemaakt’ tegen hem zei.
“Juf, mag ik vandaag de plantjes water geven?” Het was Elsje. Die kleine kippenkop met dat lapje over een van haar ogen. Die altijd een snotneus had.
Juf wendde zich naar Elsje. “Zou je dat leuk vinden? Je weet dat Mark altijd de plantjes water geeft.”
“Oh, maar dat kan ik ook heel goed hoor, juf”, zei het kippenkopje. “Mag het?”
“Goed. Dan doet Mark het morgen weer. En dan jij. Omstebeurt. “
Mark keek woedend naar Elsje. Hij zou haar nu het liefst aan haar paardenstaart trekken.
“Dat is niet eerlijk”, dacht hij toen hij boos naar zijn tafeltje terug liep.

Hij zat nu in de hoogste klas van de basisschool. Ze zouden vandaag met de hele klas naar de film toe gaan. Vorige week hadden ze opdracht gekregen om op papier te zetten welke film ze het liefste wilden zien. Iedereen moest zijn brief voorlezen en na afloop zouden ze stemmen. Ze hadden besloten om naar de film toe te gaan die Mark had voorgesteld.
Ze zaten in de klas te wachten op de meester, want die had hen nog wat te vertellen voordat ze vertrokken. Daar had je hem al.
Meester Harry keek de klas rond en liet toen zijn blik op Mark rusten.
“Helaas Mark. De mensen van de bioscoop hebben mij afgeraden om met z’n allen naar de film toe te gaan die jij had voorgesteld. Daarom gaan we naar een andere film, namelijk…”
Hij hoorde het niet meer. Had hij daarvoor zijn best zo gedaan? Uitzoeken welke films er draaiden,recensies lezen, zijn voorstel schrijven en herschrijven tot hij er tevreden over was. Hij was trots geweest als een pauw en had thuis verteld dat ze naar ‘zijn’ film zouden gaan.
“Het is niet eerlijk”, dacht hij. Maar hij hield zijn mond.

Nog vele malen in zijn leven ontdekte Mark dat het leven niet altijd eerlijk was.
Zoals toen hij ondanks zijn hoge cijfers werd uitgeloot voor een studie die hij graag wilde volgen.
Of toen hem een baan was toegezegd en hij thuis bericht kreeg dat ze op het laatste moment toch voor een andere kandidaat hadden gekozen.
Of toen hij een huis wilde huren, maar dat alsnog aan een ander werd verhuurd die, zo zei de vrouw van het woningbureau, urgenter was dan hij.
Toen zijn moeder op jonge leeftijd overleed nadat ze door een dronken automobilist was aangereden.
Toen zijn vriendin er onverwachts vandoor ging met zijn beste vriend.

Mark kijkt uit over de stad, die er sprookjesachtig uit ziet in het licht van de ondergaande zon. Hij is multimiljonair en geniet van zijn leven. Hij is net vijftig geworden en woont samen met zijn twintig jaar jongere vrouw in een schitterend penthouse. Kinderen zijn er niet. De helft van het jaar is Mark op reis en neemt dan zijn aantrekkelijke jonge vrouw met zich mee.
Hij is eigenaar van een groot software bedrijf met meer dan duizend man personeel. Helaas had hij er vorige maand een kleine honderd moeten ontslaan. Daar zaten diverse mensen tussen die hij al jarenlang kende.

“Wij met z’n allen hebben dit bedrijf groot gemaakt. Voor onszelf en voor jou. En nu het slechter gaat met de economie gooi je ons op straat. Afgelopen jaar hadden we nog een omzet van bijna 300 miljoen en hebben we meer dan veertien miljoen winst gemaakt. En meer dan de helft daarvan is in jouw zakken verdwenen. Dat is niet eerlijk.”
Guido had een rood hoofd gekregen. Hij ging niet graag tegen Mark in, maar hij begreep dan ook werkelijk niet waarom er zoveel ontslagen moesten vallen. En nog minder dat ook hij weg moest.
Het was een vervelend gesprek geweest en uiteindelijk had hij Guido toegezegd om nog eens na te denken over diens positie.

“Schat, vind je dat we Guido in dienst moeten houden?” Zijn vrouw kende Guido ook. Ze kende alle directeuren van Softtecho. Een aardige man, betrouwbaar, een idealist.
“Jij bent de baas, lieverd. Als jij hem wil houden dan doe je dat. En anders ontsla je hem. Doe wat je denkt dat het beste is voor de zaak.” Ze gaat achter hem staan en blaast hem zachtjes in zijn nek.

“Wat ziet dit er prachtig uit”, denkt Mark en laat zijn blik over de stad en het water van de rivier dwalen. Hij maakt de balans op van de laatste twintig jaar. Hij had heel veel geluk gehad. Omdat hij was uitgeloot voor medicijnen was hij naar de TH-Delft gegaan.
Nog tijdens zijn studie was hij een klein softwarebedrijf begonnen met applicaties voor de chemische industrie. Hij wist de juiste mensen om zich heen te verzamelen en die hadden het bedrijf groot en hem rijk gemaakt.
In het spoor van het geld volgden macht, luxe, aanzien en de bewondering van de mensen.
“Nee, het leven is niet eerlijk. Dat is het nooit geweest en zal het nooit worden. De mensen die mij gemaakt hebben tot wat ik ben heb ik moeten ontslaan, want anders kan ik over een paar jaar de tent wel sluiten. Ik heb ze niet helemaal met lege handen weggestuurd, maar sommigen van hen krijgen het nooit meer zo goed als ze het bij mij hebben gehad.”

Hij draait zich om en kijkt haar aan. Wat is ze mooi. En zo heerlijk jong. “Vrouwen houden van mannen met geld en macht,” denkt hij. Ook zij.
“Vind jij dat het leven eerlijk is?” vraagt hij haar en kust haar lippen.
“Natuurlijk niet, lieverd. Wat een rare vraag. Het leven is nooit eerlijk. Maar ik vind het wel heerlijk”.
“Wat ben je toch een dom blondje”, zegt hij en drukt haar tegen zich aan. Dan zegt hij als ter afronding van zijn gefilosofeer “Ik ben blij dat het leven niet eerlijk is” en dan kust hij haar opnieuw zachtjes op haar lippen.

zondag 25 maart 2012

Varkentje

Soms willen we iets heel graag hebben en lukt het ons maar niet om het te pakken te krijgen. En als het uiteindelijk wel lukt kunnen we er niets meer mee. Zoals dit varkentje.





woensdag 21 maart 2012

Paaseitjes

Net nu ik besloten had om nog een paar pondjes af te vallen (Ik weeg nu 65 kilo en wil weer naar 62) zit ik opgescheept met een pond chocolade paaseitjes. Ze liggen inmiddels niet meer op het bureau naast de computer maar op het bureau achter me en het is ook geen pond meer.
Bij vlagen ben ik een zoetekauw. Iedereen die wel eens blowt weet hoe lekker het is om je na een vette stick vol te proppen met zoetigheid. Maar juist om die reden had ik de laatste weken geen snoep meer in huis gehaald.
Ik geef toe dat een in stukjes gesneden warme banaan met suiker en citroensap uit de oven met een flinke dot slagroom nu ook niet bepaald de oplossing voor de lijn is, maar als ik het kan opbrengen om zo’n zoete hap om half een ’s nachts te maken, moet de nood wel erg hoog zijn. Zo'n 'oplossing' toont maar weer eens aan dat als je jezelf voor de gek wil houden, je daar heel vernuftig in kunt zijn. Maar dit blijft hoop ik wel een uitzondering.
Terugkomend op de eitjes; hoe kom ik in Godsnaam aan een pond van die chocolade eitjes en, wat minstens zo belangrijk is, hoe voorkom ik dat ik ze ondanks mijn goede voornemens morgenavond allemaal heb opgegeten en de kleefstront vrijdagochtend aan mijn endeldarm blijft plakken?

Mirte hield ter afronding van haar onderzoek gisteren in Utrecht op de faculteit een presentatie. In februari en maart was ze naar Spanje geweest waar ze een onderzoek gedaan had naar hoe de wijze van verdeling van planten in semi-aride gebieden van invloed was op de verdeling van het vocht in de grond zowel in ruimte als in tijd. Oftewel zoals het onderwerp van haar masterthesis luidde:
The effect of plant spatial patterns on the spatial and temporal distribution of soil moisture in semiarid plant communities.
We waren er allemaal, op Ruben na, want die gaat elk jaar met zijn vrienden in Zwitserland skiën en toevallig was dit deze week. Terzijde: het was een prima presentatie. Ik had haar masterthesis al eens gelezen en herkende wat ze te vertellen had.
Niemand van de aanwezigen had echter bloemen bij zich en natuurlijk was er ook in de verre omtrek geen bloemenzaak te bekennen. Gelukkig wel een supermarkt. Dus na overleg met de anderen besloot ik om te proberen daar een bosje bloemen te halen. Maar ze hadden geen bloemen. Eigenlijk hadden ze alleen levensmiddelen en snoep. Zoals bijvoorbeeld zakken met een pond chocolade paaseitjes er in.
En omdat ik vergat om de zak die ik gekocht had aan Mirte te geven zit ik er nu mee.
Ik vrees dat, voordat ik heb uitgevogeld hoe ik kan voorkomen dat ik vreselijk aan het snoepen ga, alle eitjes op zullen zijn. Nog voor het weekend begonnen is.

zondag 18 maart 2012

Gluren bij de buren

Vandaag zijn Paula en ik naar de Bilt geweest, waar Mirte, Ruben en Teim samen met ruim twintig anderen wonen in buitenplaats Sandwijck en Eva in het kader van ‘gluren bij de buren’ een kleine tentoonstelling had van haar werk.
Ze heeft een eigen stijl die in het programma omschreven wordt als
" Het werk van Eva bestaat uit illustraties en verschillende beschilderde ondergronden, ondergedompeld in een veelheid aan kleuren en een dromerige, melancholische sfeer. Grote inspiratiebronnen zijn met name aziatische kunst en manga, cartoon, street en surf art en illustraties."

Posted by Picasa

Er was een flinke aanloop en Eva leek er duidelijk lol in te hebben.Ze had haar werk mooi ten toon gesteld en de mensen toonden veel belangstelling.

Posted by Picasa

Jasper kwam ook even langs. Nienke was thuis gebleven. Die was heel erg moe. Ik ken dat gevoel wel. Eindelijk even tijd voor jezelf en dat moet je weer ergens komen opdraven. Wat later voegden Mirte en Teim zich bij ons. Mirte was verrast dat we er waren. Blijkbaar waren we tegen haar vergeten te zeggen dat we langs zouden komen. Ach, de communicatie tussen ons allen is soms wat onduidelijk, maar we zien elkaar graag.
Teim zat met grote ogen van verbazing om zich heen te kijken. Hij is wel wat drukte gewend, dus hij bleef er ontspannen onder.

Posted by Picasa

Op de volgende foto lijkt het of hij zijn hapje gepureerde Broccoli niet lekker vindt, maar zo schijnen alle kinderen te kijken die Broccolipuree eten.

Posted by Picasa

Ruben, de vriend van Mirte, was op ski-vakantie. Maar Tim, de vriend van Eva, was er wel. En zo was het hele stel op Ruben en Nienke na compleet.

Posted by Picasa

Dinsdag gaan we weer even met z'n allen langs Mirte. Die houdt dan een lezing die verband houdt met haar afstuderen als ecologe. In mei vertrekt ze samen met Ruben en Teim voor een driemaandelijkse reis door Europa. Helemaal niet verkeerd. Ik zou zo willen ruilen. Dus zullen we haar, Ruben en Teim even niet zien. Het klinkt vet, maar als je ouders bent van zulke fantastische kinderen en grootouders van zo'n geweldig kleinkind dan mag je jezelf best heel erg gelukkig prijzen.

zaterdag 17 maart 2012

Aanstellerij

“Doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg.” Iedereen met een gedegen Hollandse opvoeding kent deze uitspraak. Men heeft geleerd om zich niet aan te stellen. Gek doen is voor kunstenaars en ander vreemd volk.
Het Calvinisme heeft ons ingetogenheid bijgebracht. Hollanders hebben geleerd om niet op te vallen. Kom je met het hoofd boven het maaiveld dan gaat-ie er af.
Er is al decennia lang een ontwikkeling gaande die hier tegengesteld aan is. En sinds de media via allerlei spelprogramma’s op zoek zijn naar nieuw talent is het hek van de dam.
Men verdringt elkaar om het spotlicht naar zich toe te trekken. Hoe gelijk had Andy Warhol toen hij in 1968 al zei dat in de toekomst iedereen voor 15 minuten wereldberoemd zou zijn.
Overigens zou hij ook gezegd hebben dat in de toekomst 15 mensen wereldberoemd zouden zijn.

Tenzij je de mensen hun geld uit hun zak wil troffelen met een mooi kunstje waarvoor je de aandacht vraagt of als het gaat om paringsgedrag, is opvallen in de samenleving mogelijk net zo onverstandig als in de vrije natuur. In het laatste geval ben je al snel het slachtoffer van een hongerig roofdier of, wat minstens zo erg is, zijn je eigen prooidieren massaal op de vlucht geslagen en druip je na verloop van tijd met een hongerig gevoel af. In de mensenwereld is het meestal niet zo erg maar bij al te opvallend gedrag kun je soms wel een knal voor je kanis krijgen.

Zelf behoor ik nog tot de generatie die niet teveel wil opvallen. Net als mijn andere reisgenoten in het openbaar vervoer staar ik neutraal voor me uit als ik onderweg ben en het komt niet in me op om luidruchtig de aandacht op mezelf te vestigen. Dit geldt ook voor mij als ik over straat loop, mijn boodschappen in de supermarkt haal of een stukje voor mijn blog schrijf. Ik voel me vaak meer op mijn gemak in de coulissen dan op het toneel.
En als ik het geld van mijn medemens uit diens zak zou willen kloppen of behoefte heb om te paren zou ik dit subtieler aanpakken. Al heb ik op dit moment noch de ene noch de andere behoefte.

Gelukkig zijn we allemaal verschillend en daarom mocht ik er vandaag bij mijn bezoek aan het winkelcentrum van Rotterdam getuige van zijn dat het ook anders kan.


Posted by Picasa

Echt vrouwvriendelijk wil ik de actie van de man op de foto niet noemen en toen hij later op een bankje klom met de opblaaspop op zijn schouders en hij begon te zingen werd het er zeker niet beter op. Maar hij zorgde wel voor wat reuring onder de toeschouwers.
Zijn vrienden stonden er wat schaapachtig bij te lachen. Natuurlijk kenden ze hem beter en wisten ze dat hij een gewone huisvader was met doordeweeks een baan als docent op een MBO. Maar zijn scheiding en de onzekerheid of hij zijn baan na de reorganisatie nog wel zou hebben hadden iets los in hem gemaakt.
Nee, ik ken zijn naam niet en ik weet ook niet waar hij woont. Dus vrouwen die zich over hem willen ontfermen om hem te troosten en op te voeden kan ik niet helpen.
Maar dames, mochten bij mij ook ooit de stoppen door slaan en ik met een grote opblaaspop op mijn nek door de stad gaan lopen, dan zou ik het waarderen als ik met rust werd gelaten.

woensdag 14 maart 2012

Praatje pot

Als je een tijdje niets op je weblog hebt gezet kost het enige moeite om weer op te starten. Net als een auto die te lang heeft stil gestaan. Of een liefde die lijkt te zijn bekoeld omdat men elkaar verwaarloosd heeft.
Gelukkig wordt dit weblog maar door een klein select gezelschap gelezen. En dan alleen als er niets op tv is of ze hopen mij te kunnen betrappen op een leuke opmerking. Waarin ik ze meestal moet teleurstellen. Ga naar Hans Teeuwen kijken op Youtube, denk ik dan. Of lees een boek van Herman Brusselmans.
Evenmin mag men van mij wijze uitspraken verwachten. Daarvoor hebben we Peter Timofeef of Piet Paulusma. Als je hun advies negeert om je goed in te smeren tegen de sterke zonnekracht in deze tijd van het jaar, gewis dat je dan kans loopt dat je neus, je lippen of je oren er af vallen als je over twintig jaar huidkanker krijgt. Hun adviezen kun je daarom beter maar wel opvolgen.
Ondanks mijn gebrek aan humor en aan zinvolle opmerkingen krijg ik soms van die enkele lezer een veer in mijn reet gestoken om mij aan te moedigen om met schrijven door te gaan. Daarvan ga ik, ijdel als ik ben, natuurlijk vrolijk kraaien, al vervloeit mijn gemoedsstemming meestal weer snel met mijn positieve stemming van het moment. Wat dan jammer is, want contrasterende stemmingen zijn veel spannender. De liefde is daar een voorbeeld van. Hoe mooi is het om iemand te haten die je lief hebt om hem of haar hierna weer lief te hebben, zodat de weg weer vrij gemaakt is voor nieuwe haat. Levendigheid in de brouwerij is mijn levensmotto en daarom ben ik nooit uitvaartverzorger geworden.
“Wat wil je nu wel en wat wil je nu niet met de wereld om je heen delen?” is een vraag die elke blogger kent. Je wil je oninteressante leventje immers niet opdringen aan anderen, je wilt je leugens voor jezelf houden omdat je alleen maar onbegrip verwacht, je hebt niets te vertellen maar doet dit wel zo gedetailleerd mogelijk en je weet dat de meeste mensen alleen in zichzelf zijn geïnteresseerd al zullen ze dit keihard ontkennen als je ze hier op wijst.
Dus waarom al je gedachtenspinsels de virtuele werkelijkheid in pleuren als je eigenlijk al weet dat niemand tijd en zin of tijd heeft om hier enige aandacht aan te besteden?
Omdat schrijven een ziekte is. Want ook de afgelopen weken heb ik weer menig bladzijde vol gekalkt.
Een soort zelfbevrediging maar dan zonder vlekken. Aan lekkende pennen heb ik een broertje dood.
Daarom heb ik besloten om maar lekker door te gaan met mijn inhoudsloos gewauwel, dat zich alleen onderscheidt van alle herrie om ons heen door zijn fluistertoon.
Hierdoor gaat het gemakkelijk verloren in het rumoer.
Ik ben blij dat ik de ellende niet uit de gebeurtenissen in mijn leven hoef te halen. Tot nu toe is mij dit bespaard gebleven. Mijn kommer en kwel is endogeen en ontstaan uit de nachtmerries van mijn ouders. Maar in zijn weg naar de oppervlakte ondergaat het een prachtige gedaantewisseling. En zo komt het dat mijn pessimistische kijk op mijn medemens, mezelf en de rest van de wereld en alles ver daarbuiten wordt omgevormd in vrolijke klanken als ik op mijn gitaar zit te spelen, in onbegrijpelijk lange maar positief klinkende inhoudsloze volzinnen als ik zit te schrijven, in een genoeglijke conversatie als ik weer eens door een knappe vrouw wordt aangesproken (“Nog een prettige dag”, zei het mooie blonde meisje achter de kassa van A.H. tegen mij en wij wisselden zwoele blikken uit.) of een simpel genieten als ik in het zonnetje over de boulevard in Scheveningen kuier. Ik zie het nieuws op tv, lees de gratis dagbladen en volg het nieuws op internet. Overal ellende en Geert Wilders. Er is geen ontsnappen aan. Ik haal mijn schouders op en ga over tot de orde van de dag. “Het leven is lijden” sprak de Boeddha. Hij had gelijk. “Maar het leven kan ook ontzettend leuk zijn” sprak John van Geenen. Maar wat weet die jongen daar nu van?