zaterdag 4 december 2010

De eenzame boer.

Voor dit gruwelsprookje heb ik mij laten inspireren door een lekkere platte bak. Ik vond hem wel leuk en wou dat ik hem zelf had verzonnen.

Er was er eens een boer die tien koeien had. Hij was zeventig jaar en weduwnaar. Zijn naam was Krelis. Vroeger al, toen zijn vrouw nog leefde, kwam ik elke zaterdag bij hem langs voor een paar liter verse melk. Ik woon twee kilometer van zijn boerderij vandaan. De verse melk van zijn koeien is zo romig dat je geen andere melk meer wilt als je deze hebt geproefd.
Op zekere dag trof ik hem zuchtend op een bankje voor het huis. Ik groette en vroeg hem wat er aan de hand was. “Sommige dingen kun je niet uitleggen”, zei Krelis en staarde naar de punten van zijn klompen. Omdat ik hem vragend aan bleef kijken begreep hij dat hij nu wel verder moest met zijn verhaal. “Ik wilde zo-even Clara melken, maar ze was een beetje nukkig. Ze schopte telkens de emmer om met haar rechter achterpoot. Ik heb die poot toen vastgebonden.”
Hij zuchtte opnieuw en mompelde “Sommige dingen kun je niet uitleggen”.
Ik keek hem nog steeds niet begrijpend aan, waarop hij verder ging met zijn verhaal.
“Er zat net een bodempje melk in de emmer of ze schopt hem opnieuw om, maar deze keer met haar linker achterpoot. Die heb ik toen natuurlijk ook vastgebonden. Snap je?” Ik knikte. Maar wat was nu het probleem? “Sommige dingen kun je niet uitleggen”, zuchtte de boer.
“Ga eens verder met je verhaal”, drong ik aan.
“Goed, ik weer onder de koe. Begint ze met haar staart te zwiepen. Ik denk, die bind ik gewoon vast aan een balk. Dus ik pak een kruk, zet die achter de koe neer. Ik kijk of ik ergens een touw zie, maar dat is er niet en ik besluit om de riem van mijn broek te gebruiken. Dus ik de riem van mijn broek losgemaakt en de staart vastgebonden aan de riem. Ik klim op de kruk die achter de koe staat en gooi de riem over de balk en trek de staart omhoog. Ik sta nog steeds op de kruk achter de koe als plotseling mijn broek naar beneden zakt. Op hetzelfde moment komt mijn vrouw de stal in….Ik zei al, sommige dingen kun je niet uitleggen”.

Dit was tien jaar geleden. Krelis is nu al 5 jaar weduwnaar. Zijn leeftijd en de eenzaamheid beginnen hun tol te eisen. Erg goed kan hij niet meer voor zichzelf zorgen.
Ik kom nog steeds zaterdag mijn twee liter melk halen.
Hij had me laatst verteld dat hij van plan is om zijn koeien te laten slachten en de boerderij te verkopen. Van het geld wil hij een aanleunwoning kopen bij een verzorgingshuis. Dan kon hij toch zelfstandig blijven wonen en als het nodig was van de diensten van het verzorgingshuis gebruik maken.
Als ik bij hem het erf oprijd is het huis donker. Alleen de lamp bij het hek brandt, maar die gaat automatisch branden als de schemer invalt. Het is hartje winter en het heeft gevroren.
Krelis gaat nooit weg. Zou er soms iets aan de hand zijn?
Tarzan, de grote waakhond van Krelis die ik nog heb gekend als puppy, komt op me afgelopen.
Hij piept onrustig. Niets voor Tarzan. Hij loopt in de richting van de stal en begint voor de deur te janken. Ik doe de staldeur open. Het is donker. Links van de deur zit de lichtschakelaar. Ik doe het licht aan. De koeien van Krelis liggen op het hooi te herkauwen. Met hun grote bruine ogen kijken ze mij verbaasd aan, alsof ze willen zeggen “Wat moet jij hier?” Ik zie Krelis op de grond liggen. Zijn gezicht naar beneden. Zijn lichaam ziet er geknakt uit. Het is één grote bloederige massa. Zijn broek hangt om zijn enkels. Naast hem ligt een omgevallen krukje. Ik zie de drie touwen die hij vastgebonden heeft aan de balken van de stal. Twee aan de zijkanten en één aan een balk aan de vliering. De koeien herkauwen rustig door en storen zich niet aan Tarzan, die nieuwsgierig aan het lijk snuffelt. Er loopt een rilling over mijn rug. Tjonge, wat is het hier koud.

De koeien zijn de volgende dag opgehaald door een boer verderop. Die had nog ruimte in zijn stallen en was wel bereid om ze straks bij de afwikkeling van de nalatenschap over te nemen. Het waren mooie melkkoeien. Hij had ze vroeger al eens van Krelis willen kopen, maar die vroeg er teveel voor.
Tarzan heb ik in huis genomen. We kunnen goed met elkaar opschieten en anders had hij misschien naar het asiel gemoeten. Ja, de koeien van Krelis en zijn waakhond Tarzan leefden na de dood van Krelis in ieder geval nog lang en gelukkig.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten