vrijdag 19 oktober 2012

Organisatieperikelen

Opnieuw heeft onze organisatie het nieuws in negatieve zin gehaald. En het zal de laatste keer niet zijn. Niet alleen zijn er duizenden vierkante meters overbodig, dit geldt ook voor enkele honderden collega’s.
''De overheid is verantwoordelijk voor goed onderwijs voor leerlingen, niet voor falende ROC-besturen'', zei VVD-Tweede Kamerlid Anoushka Schut. Het is een lieve vrouw, al lult zij natuurlijk ook maar wat uit haar nek en zegt ze alleen de dingen die haar achterban graag hoort.
Maar voor wat betreft haar opmerking dat ons ROC-bestuur heeft gefaald, al zei ze dit in algemene zin, hier heeft ze een punt. Al weigert onze nieuwe voorzitter van het CvB dit zo hard te stellen. En ik geef hem geen ongelijk.
Een beetje bestuurder zal immers nooit openlijk verwijten maken aan de bestuurder die hij heeft opgevolgd of zelfs maar toespelingen maken op diens bestuurlijk falen. Hij moet immers vooruit denken en zijn kansen om straks gevraagd te worden voor een mooie functie op bestuurlijk niveau bij een andere grote organisatie nemen af als men vermoedt dat hij bereid is om zijn eigen nest te vervuilen of de hand te bijten die hem gevoed heeft. Zoiets wordt gezien als ‘verraad’.
Er wordt in Nederland immers op grote schaal door bestuurders gefaald.  Iemand in huis halen die daar onomwonden voor uit komt doe je gewoon niet.
Gelukkig is wat er openlijk wordt gezegd over het falen van bestuurders vaak niet interessant. Veel interessanter zijn de geruchten op de werkvloer.
Bijvoorbeeld dat zo’n bestuurder alleen maar jaknikkers om zich heen verzamelde en zo elk contact met de werkelijkheid door de jaren heen kwijt raakte. En dat de meer capabelen en dapperen hun eigen plan trokken en elders hun geluk zijn gaan beproeven. Een soort van ‘braindrain’ dus.
Op de werkvloer heb ik gehoord dat dit speelde bij onze vorige voorzitter van het CvB en omdat de man op mij, toen ik hem eens persoonlijk aansprak, een autistische indruk maakte, ben ik geneigd om deze geruchten te geloven.

Er is een tijd geweest dat ik binnen de organisatie bekend stond als een lastig mannetje. Nog net niet als een querulant, maar wel iemand die ongewoon  irritant en kritisch kon zijn.
Nu ben je dit al snel in het onderwijs, dat immers de opdracht heeft om toekomstige burgers gehoorzaamheid bij te brengen. Dat verlang je dan ook van je personeel.
Veel van onze managers had ik graag het respect en bijbehorende lot gegund wat ze verdienden, maar velen zitten nog steeds op de plekken waar ze al jaren zitten en lijken niet weg te branden.
Met nog maar vier jaar van mijn pensioen vandaan heb ik geen zin meer om me over hen druk te maken. Ik troost me maar met de gedachte dat ze zelf wel weten wat ze waard zijn.

Al jaren geleden heb ik mij voorgenomen om al mijn energie alleen te steken in het onderwijsproces. En achteraf gezien ben ik heel blij dat ik deze keuze gemaakt heb.  Want van mijn inzet zie ik meestal alleen positieve resultaten en ik vrees dat veel leidinggevenden bij ons dit niet kunnen zeggen.
Ja, opnieuw zullen er weer veel collega’s uit moeten. Ik hoop dat onze nieuwe voorzitter van het CvB de guts heeft om de mensen aan te pakken die behoren tot de overhead van de organisatie en niet de hardwerkende mensen in het primaire proces. Ik heb al mijn vertrouwen in hem gesteld. Men zegt mij dat hij iemand is die zo dapper en verstandig is. We zullen het afwachten. Want geloof mij, deze soap is beslist nog niet ten einde.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten